Nabestaande aan het woord :

"Karel wikkelde alles tot in de finesse af"

Miranda Cok en Karel van de Klok leren elkaar in 1992 kennen in Tilburg tijdens hun studie economie. De vonk slaat over. Karel treedt toe tot het bedrijf van de vader van Miranda, waar hij zich met name met de financiële kant bezighoudt en Miranda met vastgoed. Ze hebben het goed samen; dochter Fleur wordt in 2000 geboren en zoon Mats volgt in 2002. Ze gaan op in hun werk en het gezin en vullen elkaar goed aan. Totdat Karel in maart 2008 thuiskomt en aangeeft dat hij moe is van het praten.

Miranda wuift de klachten weg. Zij is na een hele dag werken ook moe van het praten. Het zal wel overgaan na de geplande vakantie in Egypte, denkt zij. Maar het tegendeel is waar. Op een avond komt Karel relatief vroeg thuis, waarbij Miranda de indruk krijgt dat hij te veel gedronken heeft. Karel ontkent. Dan beginnen niet alleen Miranda maar ook haar vader zich zorgen te maken en er wordt contact gelegd met een bevriende neuroloog. Die stelt een MRI voor en daarop volgt de onheilstijding: Karel heeft ALS.

“Het eerste jaar na de diagnose ging Karel langzaam achteruit. In die periode hebben we veel gepraat en de dingen gedaan die we graag wilden doen. Heel lang droomde ik al van een romantische vakantie samen in Venetië. Karel wilde graag een weekend varen op een luxe jacht. Wij zijn dat jaar wel tien keer op vakantie gegaan. Nu kon het nog. Daarna ging het snel achteruit. Karel werd verdrietig en af en toe opstandig. Daarentegen wilde hij wel alles uit het leven halen. Hij bleef ook aan het werk en zorgde voor een punctuele overdracht voor zijn opvolgers. Ook alle zaken in en rondom het huis wikkelde hij tot in de finesse af. Tot het allerlaatste bleef hij betrokken bij ons en bij de buitenwereld, daarbij geholpen door zijn spraakcomputer. Heel veel afgevallen maar tot het laatst toe een gentlemen, in mooie kleren en zijn haar zoals altijd netjes en verzorgd, overleed hij in mijn armen, omringd door Fleur en Mats, toch nog onverwacht op 14 oktober 2011.

Hij was net 40 jaar geworden.” Hoe blijf je achter?

“Nadat Karel was overleden en de 24-uurs zorg het huis had verlaten, genoot ik, hoe tegenstrijdig ook naast het verdriet, van de rust. Eindelijk was het huis weer van mij. Financiële beslommeringen had ik niet, daar had Karel nog voor gezorgd. Vrij snel heb ik de draad van mijn leven weer opgepakt. Karel had alles geregeld, had een dagboek voor de kinderen gemaakt, maar vreemd genoeg sprak hij nooit over hoe het met hen verder zou moeten. ‘Dat hoeft ook niet’, zei hij, ‘want jij doet en vindt precies hetzelfde als ik. Dat komt goed’.”

Hoe ziet de toekomst er voor jou uit? “Ik ben na enige tijd weer gaan werken en gaan tennissen. Gelukkig kan dat, want ik heb drie dagen in de week oppas en hulp. “Ondanks het blijvende gemis, geniet ik weer. Ik zie ook dat de kinderen het overlijden van hun papa een plaatsje hebben kunnen geven en de zon weer in ons huis schijnt”, besluit Miranda met een lach op haar gezicht.

Miranda Cok, Karel en de kinderen